Veiligheidsregio’s ondervinden weerstand in de gemeenteraden.






De rampen in Enschede, Volendam en Schiphol hebben het vorige kabinet doen besluiten tot het invoeren van veiligheidregio’s. Het concept hierover heeft veel stof doen opwaaien en verschillende betrokkenen in de gordijnen gejaagd.

Vooral de brandweerkorpsen hebben zo hun bedenkingen over de directe gevolgen voor de korpsen op het platteland, hun organisatie etc.

De raden zijn nu opgezadeld met de opdracht te kiezen voor één veiligheidregio. In Drenthe moeten de gemeenten, elk afzonderlijk, hierover ook een besluit nemen. Het verzoek aan hen is dan om vooraf eerst vast te stellen wat hiervan de uitkomst dient te zijn. Het feit dat het de raden zijn die een besluit moeten nemen, zullen deze hierover met aangedragen argumenten en feiten, moeten worden gevoed zodat richting kan worden gegeven en uiteindelijk moet resulteren in verantwoorde raadsbesluiten.

Drents Belang verwacht van deze raden dan ook dat deze pas een definitief standpunt zullen innemen over de Gemeenschappelijk regeling nadat deze besprekingen een duidelijke visie heeft oplevert die ten grondslag zou kunnen/moeten liggen aan het uiteindelijke besluit. De verleiding is namelijk groot nu al ja te zeggen. Dit zou dan betekenen dat als de raden akkoord gaan met de veiligheidsregio in de gemeenschappelijke regeling (GR), dit wordt gedaan zonder precies te weten wat daarvan uiteindelijk de consequenties zijn. Een dwingende gemeenschappelijke overleg structuur moet namelijk wel de “problemen” ook kunnen oplossen. Het samengaan, levert onzes inziens eerder een boel problemen op.

Drents Belang is het met eerdere gedane uitlatingen van verschillende belanghebbende eens dat bovenlokale rampen goed moeten worden geregeld. Hiervoor hoeven we wat ons bederft geen veiligheidsregio voor op te tuigen.

Bij verschillende gelegenheden is ook door Drents Belang ongerustheid uitgesproken over o.a. rapportages over het uitvoeren van de Wet kwaliteitsbevordering rampbestrijding in Drenthe. Hierin stond dat het oefenen door de verschillende diensten ‘overwegend positief’ was maar dat de operationele, gezamenlijke inzet beter kon. Samengevat kwam het hier op neer dat van een echt gezamenlijk optreden toentertijd namelijk geen sprake was. Eén gemeente gelastte de oefening toen af omdat er onvoldoende draagvlak was en een andere gemeente wenste eerst een aanpassing van de oefensystematiek. Daardoor heeft de indruk postgevat dat gezamenlijk oefenen en trainen geen prioriteit zou hebben gekregen, terwijl dat essentieel is in de vorming van een Veiligheidsregio. Alleen maar bestuurlijke omvorming is dan ook onvoldoende.

Binnen de noemer van veiligheidregio worden verschillende disciplines genoemd. Politie, brandweer, GGD en GHOR, zijn de belangrijkste indicatoren.

Ook is ons na enig graafwerk het kostenplaatje van deze Gemeenschappelijk Regeling ons duidelijk geworden en zou zondermeer een aparte discussie kunnen opleveren.

Zowel de gemeente Noordenveld als Tynaarlo hebben de aftrap gedaan. Noordenveld heeft hierover een duidelijk standpunt in genomen en heeft het voorstel afgewezen. De raad van de gemeente Tynaarlo heeft een lawine van vragen gesteld aan de verantwoordelijke portefeuille houder. Gevolg hiervan is dat de besluitvorming op 10 april, na de schriftelijke beantwoording van de vragen, pas in Tynaarlo zal plaats vinden.

Voor die raadsfracties in Drenthe die over dit onderwerp nog nadere informatie willen hebben, adviseren we contact op te nemen met inge@eshuis.demon.nl raadslid in de gemeente Assen en expert over dit onderwerp of de fractie van Leefbaar Tynaarlo te Tynaarlo. Vooral eerst genoemde zou u, met haar expertise en kennis over dit toch moeilijk onderwerp, goed op weg kunnen helpen. Kennis is macht, zouden we willen zeggen. De in de openbare vergadering van de gemeente Tynaarlo uitgesproken tekst door Leefbaar Tynaarlo vind u door HIER te klikken.



Nagekomen bericht:

De raad van Tynaarlo heeft naar aanleiding van de grote hoeveelheid vragen die dit onderwerp heeft opgeleverd, het college de mogelijkheid geboden deze vele vragen schriftelijk te beantwoorden. Op 10 april krijgt, naar aanleiding van de beantwoording hiervan, het debat een vervolg (2e termijn).

Een eerste voorzichtige inventarisatie levert op dat een meerderheid van de raad niet zit te springen groen licht te geven aan dit voorstel nl de veiligheidsregio.

Naar aanleiding hiervan wil de portefeuillehouder de heer Rijpstra een mondelinge toelichting geven aan fractiespecialisten op de beantwoording van de beschouwingen en vragen zoals afgelopen dinsdag naar voren zijn gebracht. De raad is hiervoor uitgenodigd voor een mondelinge toelichting op de beantwoording van de vragen en beschouwingen, op woensdag 28 maart 2007, om 19.30 uur in kamer 0.37/0.38 (vm trouwzaal) van het gemeentehuis. Eventuele extra vragen kunnen ook op dat moment aan de orde komen. De portefeuillehouder laat zich bijstaan die avond in ieder geval door 3 ambtenaren en eventueel iemand uit de stuurgroep VRD.



Nederland laagste met belastingen in eurozone

20 mrt 2007, 16:44

Nederlanders betalen minder belasting dan gemiddeld in landen met de euro. In Nederland gaat 39,2 procent van de economie naar belastingen en sociale premies, tegen 41,2 procent in de dertien landen met de euro, zo heeft het Europees statistisch bureau Eurostat dinsdag gemeld over 2005.



Inwoners van Litouwen en Roemenië betalen binnen de EU de minste belasting. Daar gaat slechts 29 procent van de economie naar de belasting en sociale premies. Daarentegen moeten Zweden hiervoor meer dan de helft van het jaar werken (52 procent).

Vergeleken met het jaar ervoor is in 2005 de belastingdruk in de meeste landen opgelopen. Voor Nederland is dat een stijging met 0,9 procentpunt: driemaal zoveel als gemiddeld in landen met de euro. Voor de EU als geheel gold een toename van 40.4 naar 40,8 procent. (0,4%)

Einde bericht.

Dit bovenstaande bericht stuurde het Europees statistisch bureau Eurostat de wereld in en wordt gretig opgepakt door diverse media.

Gelukkig, denkt u dan als burger en inwoner van dit land, het valt hier nog wel mee. Bestuurlijk Nederland denkt dan gelijktijdig: Er is dus nog voldoende ruimte om de lasten hier en daar nog wat op te schroeven. En dat komt goed uit want de Provincies willen eigenlijk wel gecompenseerd worden voor het wegvallen van de opcenten door het invoeren van een ingezetenenheffing, terwijl Gemeenten het wegvallen van het gebruikersdeel OZB ook graag op een andere wijze bij de burgers willen weghalen ter compensatie.

Wat zeggen en betekend de bovenstaande cijfers nu voor u en mij? Men betaald in de laagste belastingschijf al 34,40%. Van wat je netto overhoudt en uitgeeft wordt gemiddeld 19% BTW in rekening gebracht. Tel daarbij op de door u te betalen verplichte heffingen als waterschapslasten (is een belastingheffing) gemeentelijke belastingen, div. milieubelastingen op energie, assurantiebelastingen, en de accijnzen, dan zit men al op pus minus 65% belasting. Kunt u ondanks deze zware aanslag op uw zuur verdient inkomen toch nog autorijden dat moet u bijtellen de wegenbelasting en BPM.

Ergens zit onzes inziens een fout in de berekeningswijzen van dit soort berichten van Eurostat. Of is het de bedoeling dat met dit soort berichten ons wordt voorgehouden dat de belastingdruk in Nederland wel meevalt en wel erg rooskleurig wordt voorgesteld.

Samengevat zouden we met onze toevoegingen kunnen vaststellen dat de werkende burger van de 5 dagen dat hij/zij werkt daarvan 3 dagen werkt voor de belastingen en 2 dagen voor zijn eigen onderhoud. Tel uit uw winst zouden we willen zeggen. Wie houdt nu wie voor de gek.

'In het administratieve gras schuilen soms politieke adders'