We denken in grote lijnen, maar we leven in details


Voorzitter,



Voor we met elkaar losbarsten in debat, moeten we vooraf even vaststellen wat hiervan de uitkomst dient te zijn.

Het feit dat de raad pas op 10 april een besluit hoeft te nemen, moeten we de bespreking vanavond zien als de 1e termijn waarvan mag ik aannemen, de fracties met argumenten en feiten, richting geeft wat uiteindelijk moet resulteren in een verantwoord raadsbesluit op 10 april.

Er wordt dus nog niet van de gemeenteraad verwacht dat we vanavond een definitief standpunt innemen over de Gemeenschappelijk regeling, maar dit een visie oplevert die ten grondslag zou kunnen/moeten liggen aan het besluit. De verleiding zou kunnen ontstaan nu al ja te zeggen. Dit zou dan betekenen dat de raad akkoord gaat met de veiligheidsregio in de gemeenschappelijke regeling (GR) Een dwingende gemeenschappelijke overleg structuur moet de “problemen” ook kunnen oplossen, het samengaan, levert echter een boel problemen op.

Voorzitter, Leefbaar Tynaarlo is het met eerdere gedane uitlatingen van het college eens dat bovenlokale rampen goed moeten worden geregeld. Hiervoor hoeven we echter geen veiligheidsregio voor op te tuigen. Bij enige gelegenheden is door Leefbaar Tynaarlo ongerustheid uitgesproken over rapportages over het uitvoeren van de Wet kwaliteitsbevordering rampbestrijding. Hierin stond dat het oefenen door de verschillende diensten ‘overwegend positief’ was maar dat de operationele, gezamenlijke inzet beter kon.
Van een echt gezamenlijk optreden was toentertijd namelijk geen sprake. Eén gemeente gelastte de oefening toen af omdat er onvoldoende draagvlak was en een andere gemeente wenste eerst een aanpassing van de oefensystematiek. Daardoor heeft de indruk postgevat dat gezamenlijk oefenen en trainen geen prioriteit zou hebben gekregen, terwijl dat essentieel is in de vorming van een Veiligheidsregio. Alleen maar bestuurlijke omvorming is onvoldoende.
Omdat dit onderwerp al jaren speelt heeft Leefbaar Tynaarlo per briefing aanbevolen om op korte termijn met ‘wegblijvers’ heldere afspraken te maken en zo herhaling te voorkomen.



Binnen de noemer van veiligheidregio worden verschillende disciplines genoemd. Politie, brandweer, GGD en GHOR, zijn de belangrijkste indicatoren.



Het kostenplaatje van de Gemeenschappelijk Regeling is ons allen bekend. De financiële beheersbaarheid hiervan zou een aparte discussie kunnen opleveren.



Over de genoemde indicatoren het volgende:



De politie wordt gecentraliseerd en komt dus buiten uit de veiligheidsregio te staan



De brandweer daar komt geen wettelijke verplichting voor om de lokale brandweerkorpsen zich te regionaliseren”. In de nieuwe kabinetsformatie staat beschreven dat de wettelijke verplichting voor de lokale brandweerkorpsen om te regionaliseren komt te vervallen. Wat lokaal kan moet lokaal blijven dus.

Dit is een belangrijke koerswijziging. De vorige regering zette in op een verplichte regionalisering alle gemeentelijke brandweren. Immers in het concept “Wet op de veiligheidsregio’s”, -deze ligt nu ter behandeling bij de Raad van State- worden gemeenten verplicht hun brandweerkorpsen in de regionale brandweer onder te brengen. In vele veiligheidsregio’s zijn, of worden, daarom voorbereidingen getroffen om, min of meer gedwongen door die dreigende verplichting, toch maar door de bocht te gaan.

De nieuwe regering echter wil dat kennelijk anders. Geen verplichting meer. De vraag is welke redenen de nieuwe regering hiervoor heeft gehad. Bij doorlezing van het regeerakkoord krijgt U vanzelf de antwoorden. Belangrijk ‘statements’ zijn dat veiligheid landelijk verzekerd moet zijn èn lokaal ingebed (lees: gemeentelijk uitgevoerd in wijk, buurt, dorp en landelijke kern), dat veiligheid begint bij preventie (lees: gemeentelijk uitgevoerd in wijken, scholen, bedrijven en binnen de ambtelijke organisatie aangestuurd) en dat het integrale veiligheidsbeleid van gemeenten verder moet worden uitgebouwd (lees: opnieuw in wijken, buurten, met burgers en vanuit het gemeentehuis aangestuurd).

In gewone woorden staat er dat het in de gemeenten gebeurt en … dus in de gemeenten moet worden uitgevoerd. Het “uitbedden” van de lokale brandweerkorpsen naar een regionale brandweer, op grote afstand, past daar niet meer in. Wat lokaal kan, moet dus lokaal! Wat in een dorp, woonkern kan, moet daar in nauwe samenspraak met de burgers (en dus de brandweervrijwilligers daar) ook plaats vinden! De nieuwe regering wil hiermee kennelijk aangeven dat zij de lokale (democratische) inbedding van wezenlijk belang acht in het bereiken van de lokale veiligheidsdoelstellingen onder bestuurlijke aansturing van het college van burgemeester en wethouders en directe politieke betrokkenheid van de gemeenteraad. Althans, zo leggen wij deze koerswijziging uit. Dichter bij de lokale uitvoering, lokale bestuur en de lokale politiek!

De GGD heeft de wettelijke taak om het kopje gezondheidszorg uit te voeren. Dit soort zaken hoort dan ook niet thuis in een Gemeenschappelijk Regeling.



Ik kom nu terug voorzitter bij het Beslisdocument Veiligheidsregio:



Het doel was een veiligheidsregio op te zetten voor bovenlokale rampen. Hierin zou tenminste de Brandweer, de GHOR in moeten zitten, met een lijn naar de Politie. In eerdere publicaties is de rol van de politie al uitvoerig besproken (centralisatie politie). Op dit moment is niet duidelijk wat dit kabinet hiermee gaat doen. Een uitgeklede veiligheidsregio met slechts de RBD en de GHOR, met de vrije keuze om de GGD hierbij toe te voegen, kan zijn doel missen. Het VNG heeft hierover ook haar verontrusting over uitgesproken. De vraag die we ons dienen te stellen is van moeten we hier nog mee doorgaan? Immers een samenwerking moet een meerwaarde hebben. Een uitgeklede samenwerking zal haar doel voorbij schieten.



Wat ons nu wordt gepresenteerd is een intentie te komen tot een Gemeenschappelijke regeling RBD, GHOR en GGD. Wat is daarvan momenteel gaande.



Voor wat betreft de RBD daar ontbreekt de wettelijke basis voor verplichte deelname. Gemeenten moeten zelf bepalen welke taken zij in de regio willen onderbrengen. Waarbij dan gesteld dient te worden dat de ontwikkeling van de gemeentelijke brandweer in een regionaal perspectief zou moeten zijn. Eventuele achterstanden in training/opleiding dienen dan wel te worden weggewerkt. Vernieuwen blijft hier actueel.



Voor het GHOR dient verdere professionalisering/ uitbreiding Fte’s centraal te staan.



Voor de GGD is een schone taak weggelegd een interne opschoning te houden en de bedrijfsvoering te verbeteren en financiën daar beter grip op te krijgen. Eventuele interne taken zouden kunnen worden afgestoten en deze markttaken uit te besteden. Ter discussie dient een eventuele toevoeging jeugdgezondheidszorg (wettelijke taak GGD) deze ook binnen de veiligheidsregio’s op te nemen.



Voorzitter, niemand zal er tegen zijn dat taken die op lokale schaal kostbaar zijn, deze gezamenlijk uit te voeren. (jeugdgezondheidszorg). Gezamenlijke inkopen van producten en evt. diensten lijkt ook economisch gezien, effectief te zijn.

De ‘witte’ kolom wordt met de huidige intentie van het beslisdocument verstevigd (zitting AB én DB: de burgemeesters, en portefeuillehouders volksgezondheid). Maar waar is de ‘groene” kolom? (gemeente – raad). Deze is slechts in beeld bij de samenstelling van het ‘basispakket’.

De vraag die je kunt stellen hebben wij voor deze doelstelling een veiligheidsregio voor nodig in een Gemeenschappelijke regeling?



Door toevoeging van de jeugdgezondheidszorg en het vervallen van de verplichte regionalisering van de brandweerkorpsen, vragen wij ons af of men nog kan spreken van een ‘veiligheidsregio’ zoals het oorspronkelijk bedoeld was: namelijk professionalisering van instanties die betrokken zijn bij grootschalige calamiteiten (GHOR, RBD en evt. GGD).

Nu kan worden gesproken van Een uitgeklede versie van de veiligheidsregio – een gemeenschappelijke regeling en was dit ons gemeenschappelijk doel?



Samengevat voorzitter: ging het niet naar het toewerken van de zelfstandig opererende organisaties Brandweer, Ghor (Gemeenschappelijke Hulpdienst bij Ongelukken en Rampen) en GGD naar één bestuurlijk niveau. Moeten we ook niet stellen dat gezien er twaalf gemeenten bij betrokken zijn, dit een moeilijke operatie zal worden en moeten we ons ongerust maken over een eventuele goede afloop. Het gaat er om Drenthe bij rampen veiliger te maken door bij bovenlokale rampen de leiding onder te brengen bij één bestuurlijk orgaan, zoals door Den Haag wordt gewenst.



En dan het niet onbelangrijkste onderdeel de financiering van een en ander. Wat betekent dit voor de inwoners van onze gemeente.

Financieel zit niet iedere afdeling even ruim in het jasje. Het kan dus zo zijn dat wij mee moeten gaan betalen aan afdelingen van andere regio’s om achterstanden in te halen. Die gemeente die zijn zaakjes op orde heeft zal dus mee moeten dokken. Of het dat waard is, is voor een ieder een eigen afweging. Verder zie je dat een genoemde discipline in het samenwerkingsverband Veiligheidsregio, topzwaar wordt. Veel “directeurtjes” moeten ambtelijke ondersteuning krijgen. Alleen het er uit schuiven van een tussenlaag met commandantjes en directeuren, zou in eerste instantie kunnen leiden tot een bezuiniging, maar dat zien we (nog) niet gebeuren. Als de organisatie opgeschaald wordt leidt dat doorgaans tot langere kanalen en een teruglopen van de slagkracht.

Uit de stukken en wat het college ons presenteert zou het gaan om een financiële verhoging van 20 euro naar 24 euro. Voorzitter dit is onjuist. In het document van de commissie Bijl staat in de bijlage de werkelijke cijfers in. Het is handig als je morgen dit document kunt lezen en dan vooral de financiële bijlage. De inwoners gaan fors meer betalen. Hier moet nog de professionaliseringsslag bij opgeteld worden (het was al 600.000 meer voor 2007 alleen al voor de GGD verdeeld over de 12 deelnemende gemeenten).

Het voorgeschotelde bedrag van 24 euro is ZONDER de inhaalslagen die de GGD, GHOR en vooral de brandweer moet maken. Het proces 'brandweer vernieuwd' in Drenthe laat een goede stap in de richting zien, maar is een stap als zo velen. Een belangrijk punt is dus dat de verplichting van de brandweer is komen te vervallen. Wat blijft er dan nog over van het uitgangspunt van het document zoals Remkes dit idee neergelegd had.



De vraag is dan waarom men dit überhaupt nog een 'veiligheidsregio' noemt.

Het is eerder een samenvoeging van enkele disciplines waar we geen onbeheersbare veiligheidsregio voor nodig hebben. Het gezamenlijk inkopen moeten we direct doen.

Echter als het veiligheidsregio slechts een gemeenschappelijke regeling wordt met een basispakket, dan is het aan ons, de gemeente, zelf te bepalen wat wij nog meer belangrijk vinden dit in te kopen. Dit komt dus boven op de genoemde 24 euro per inwoner!



De lokale gezondheidszorg is in de 'Drentse' veiligheidsregio plotsklaps binnengefietst en kent vele financiële openeinden. Hier gaat namelijk de komende tijd veel in veranderen. Als dit onderdeel zal uitmaken van de veiligheidsorganisatie en wij als gemeente als voorbeeld iets voor de jongeren zouden willen doen of zwervers en mensen met een psychiatrische achtergrond, dan moet je als gemeente dit apart gaan afnemen. De kosten zullen dan de pan uitreizen. Bestuurlijk kan een en ander ook problemen gaan geven. 12 burgemeester in de veiligheidsregio met daarnaast nog de portefeuillehouders van gezondheid vormen het bestuur. Als de stemmen zouden staken dan beslist de voorzitter - die niet onafhankelijk is.



U begrijpt voorzitter, we zouden nog uren kunnen doorgaan.



De voorlichting afgelopen week heeft ons niet gerustgesteld en heeft meer vragen dan antwoorden opgeleverd.



Ja, zeggen om deel te nemen aan zo'n tweede overlegstructuur, zover je dit zou moeten willen, betekend dat je niet meer terug kunt. Ik roep in herinnering het vuil ophalen dit lukte nog zei het tegen hoge kosten.

In dit geval hebben we geen sturing meer en de kosten, dat staat bij ons wel vast, rijzen in no time de pan uit. Zoals we hebben kunnen nagaan staan we hier niet alleen. We vinden het dan ook moedig van de raad van Noordenveld om in 1e instantie het mee doen in de genoemde veiligheidsregio, dit af te wijzen. Alles overziende zouden wij gezien de vele openeinden tot een zelfde conclusie moeten komen.



De raad van Tynaarlo heeft naar aanleiding van de grote hoeveelheid vragen die dit onderwerp heeft opgeleverd, het college de mogelijkheid geboden deze vele vragen schriftelijk te beantwoorden. Op 10 april krijgt, naar aanleiding van de beantwoording hiervan, het debat een vervolg (2e termijn).



Een eerste voorzichtige inventarisatie levert op dat een meerderheid van de raad niet zit te springen groen licht te geven aan dit voorstel nl de veiligheidsregio.



De portefeuillehouder de heer Rijpstra wil een mondelinge toelichting geven aan fractiespecialisten op de beantwoording van de beschouwingen en vragen zoals afgelopen dinsdag naar voren zijn gebracht. De raad is hiervoor uitgenodigd voor een mondelinge toelichting op de beantwoording van de vragen en beschouwingen, op woensdag 28 maart 2007, om 19.30 uur in kamer 0.37/0.38 (vm trouwzaal) van het gemeentehuis. Eventuele extra vragen kunnen ook op dat moment aan de orde komen. De portefeuillehouder laat zich bijstaan die avond in ieder geval door 3 ambtenaren en eventueel iemand uit de stuurgroep VRD.